Elk jaar hoor ik hetzelfde.
“In september kom ik zeker eens proberen.”
En weet je wat er vaak gebeurt?
September wordt oktober.
Oktober wordt januari.
En voor je het weet is er weer een jaar voorbij.
Herkenbaar?
Ik begrijp dat nochtans helemaal. September voelt als een nieuw begin. Nieuwe agenda. Nieuwe gewoontes. Nieuwe hobby’s.
Maar eerlijk?
Ik vind de zomer eigenlijk het allermooiste moment om te starten.
Niet omdat de zon schijnt (al helpt dat natuurlijk ook), maar omdat de druk even wegvalt.
Geen schoolstress.
Minder volle agenda’s.
Meer tijd om eens iets nieuws uit te proberen.
En vooral… geen verwachtingen.
Je hoeft tijdens een zomerworkshop niets te bewijzen. Je hoeft niet meteen een hele lessenreeks te volgen. Je komt gewoon een avond meedansen, leert een paar nieuwe bewegingen en ontdekt of buikdansen iets voor jou is.
En geloof me, bijna iedereen die voor de eerste keer binnenkomt, zegt hetzelfde:
“Ik ben helemaal niet lenig.”
“Ik heb geen ritme.”
“Ik kom alleen…”
Dat zijn waarschijnlijk de drie meest gehoorde zinnen in mijn danszaal.
En ook de minst belangrijke.
Want buikdansen draait niet om perfectie.
Het draait om plezier.
Om even een uur of anderhalf alleen met jezelf bezig te zijn.
Om je heupen los te gooien.
Om te lachen wanneer iets niet meteen lukt.
En om trots naar huis te gaan omdat je tóch iets hebt gedaan wat je spannend vond.
Na bijna dertig jaar lesgeven heb ik vrouwen van alle leeftijden zien binnenwandelen.
Sommigen kwamen voor een proefles en bleven jarenlang.
Anderen ontdekten pas op hun vijftigste of zestigste hoeveel ze eigenlijk van dansen hielden.
En weet je wat die allemaal gemeen hebben?
Geen enkele zei achteraf:
“Had ik maar nóg langer gewacht.”
Wel heel vaak:
“Waarom heb ik dit niet jaren eerder gedaan?”
Dus als je al een tijdje nieuwsgierig bent…
Misschien is deze zomer wel precies het juiste moment.
Niet om perfect te leren buikdansen.
Maar gewoon om te beginnen.
Ik zie je graag eens in de les.
Wie weet ontdek je wel een nieuwe passie.